Inpakstress

3 maart, 2017
Voordat ik kinderen had was op reis gaan simpel als een pinda. Alles wat ik mee wilde nemen lag al een paar dagen van tevoren schoon en in keurige stapeltjes gevouwen in de kast, klaar om in de koffer te leggen. Een paar uur voor vertrek kieperde ik dan alles in de koffer, die vreemd genoeg toen ook al nooit goed dicht ging. (Het blijft een mysterie wat ik per se allemaal mee moest voor me myself en ik.)
Ik was compleet relaxed, zorgde dat mijn haar gekapt was, de okseltjes, bikinilijn en beentjes spekhemeltjeglad waren en de nageltjes keurig gelakt.
Mijn hoofd was leeg genoeg om me nog voordat ik op Schiphol of bij de grens stond te herinneren of ik mijn paspoort wel bij me had.
O, wat een heerlijkheid om je toch zo op jezelf te kunnen focussen!
Nu is dat wel anders. De deur uit gaan vergt al een gedegen voorbereiding, laat staan een weekje wintersport. Mijn inpakstress begon al veertien dagen voor vertrek.
Kleding en attributen moesten opnieuw aangeschaft worden, aangezien de kids alles van vorig jaar, zelfs van vorig seizoen, niet meer pasten. Al het overige moest gewassen worden. En natuurlijk werd er precies gemorst, gepoept en geplast op de dingen die al schoon waren en die ik bedacht had om mee te nemen. Als het me al lukte om vast wat keurige stapeltjes gewassen goed klaar te leggen, werden die of geplunderd door de mister, die het gewoon heerlijk vindt om zich in keurig gevouwen stapeltjes een weg te graven naar het onderste kledingstuk, terwijl hij alles wat hij op zijn weg tegenkomt over de schouder werpt, of de kids, die nooit, maar dan ook nooit aan willen wat ik voor ze klaarleg.
Toen ik een dag voor vertrek het zweet van mijn voorhoofd en bovenlip veegde, toch wel trots dat het me gelukt was die eindeloze berg wasgoed weg te werken, kwam manlief  nog even doodleuk aanzetten met een stapel rottende etter die op wonderbaarlijke wijze ineens uit zijn voetbaltas gekropen was.
Er zijn een hoop dingen die je mannen kan bijbrengen, maar hun was meteen in de wasmand gooien, de nageltjes niet door de gootsteen spoelen, geen scheten laten onder de deken en de WC bril omlaag doen, blijft moeilijk. Vragen om verandering heb ik al opgegeven, het antwoord blijft als een bekraste cd steken op I can’t tell you why van de Eagles om daarna te blijven hangen op Madonna die ‘I’m not sorry, it’s human nature,’ zingt.
Wintersport verhoogde nog even de blinds, want alles wat in de koffer moest was dik en veel en groot en gewatteerd. Ik snap niet hoe mensen met kinderen het voor elkaar krijgen om alles in twee koffers te persen, en dat is ook  meteen de reden waarom wij gedoemd zijn om altijd met de auto naar ski oorden te rijden. Er is geen vliegmaatschappij die ons, een bont gezelschap van twee koffers, vier weekendtassen, twee handtassen, een snowboard, een krat speelgoed, een paar plastic tassen, een buggy, een slee, en vier personen wil meenemen. In ieder geval niet zonder de al verdriedubbelde prijs in de vakantieperiode nog even te verviervoudigen. Schandalig trouwens dat ze de prijzen van die tickets zo verhogen in het hoogseizoen, alsof kerosine ineens twee keer duurder is in de kerst- zomer- of voorjaarsvakantie, het niet voordeliger is om een vol vliegtuig te hebben en de piloten een salarisverhoging krijgen om dat vakantiegespuis rond te vliegen. Maar dat even terzijde.
Het briljante plan was om om tien uur ’s avonds weg te rijden, zodat de kinderen de hele rit lekker zouden tukken en wij zonder file de volgende ochtend vroeg onze bestemming zouden bereiken.  
Alle koppies geteld, compleet bepakt en bezakt vertrokken we, anderhalf uur later dan gepland. Dus kwamen we dik in de file, waren de kinderen de laatste uren klaarwakker en kotsten ze als klap op de vuurpijl allebei de hele achterbank onder.
De vakantie was fantastisch, maar volgend jaar vliegen we.
Wat het ook kost. 
 

lies jansen

2 september, 2018 om 11:36

lachen heel leuk en herkenbaar.

lies jansen

2 september, 2018 om 11:45

ga door met schrijven, het talent is er respecteer je talenten. liefs lies

Reageren




Reactie plaatsen