Bakfiets

26 mei, 2017
Er zijn zoveel dingen die ik niet had gedacht ooit te zullen zeggen. ‘Niet met die kwal gooien!’ ‘Niet schilderen met vogelpoep!’ of ‘Oké, peuter dan in godsnaam maar in je neus en vreet het op, als je nog zo’n honger hebt,’ om maar wat te noemen.
En ook behoorlijk wat dingen die ik nooit had gedacht te zullen doen, zoals in het openbaar ruiken aan de in broek gehulde billen van mijn kind, mijn borst uit mijn voedingsbeha halen in een vol restaurant, een testrit maken met een kinderwagen op verschillende ondergronden en op een bakfiets fietsen.
Als je niet een kort pittig kapsel moeder was, dan was je bakfietsmoeder en ik, zoals ik met alles placht te doen, mikte op de gulden middenweg. Mijn haar liet ik halflang knippen en ik kocht een fiets met kinderzitje.
Maar vandaag moet ik jullie mededelen, mijn welgeërde lezers en lezeressen – en ga er lekker voor zitten, want dat doe ik ook, het kwik tikt hier zachtjes tegen de 30 graden en de wijn vloeit rijkelijk in mijn lounge ei die ik recentelijk aangeschaft heb voor een prikkie bij een bouwmarkt – dat de hemel zich opende, gouden zonnestralen op me liet neerdalen, een goddelijk briesje door mijn haren joeg en mijn vestje hard liet wapperen terwijl ik de duinen in tweeën spleet als een Jozes met mijn bijna dertig kilometer per uur rijdende bakfiets. En voor de beeldvorming voeg ik daar aan toe dat zich twee kinderen, een strandtas, een zak met eten, het nodige aan strandmateriaal en een zielsgelukkige vrouw van om en nabij de zestig kilo in en op die bakfiets bevonden.
Ja. De een wordt gelukkig van een tripje naar Stockholm om zijn voetbalteam te zien verliezen, de ander is in extase van een door een lithium batterij aangedreven bakfiets, verschil moet er wezen. En verschil, lieve mensen, is goed voor de diversiteit die volgens de Jessianen en kompanen o zo ver te zoeken is in de lage landen tegenwoordig.
Goed. Nadat we het vakje ‘voortplanting’ koud drie maanden hadden afgevinkt, kwamen we bij ‘voortbeweging’. Het was juli 2014, de zon scheen, de files naar het strand waren eindeloos en we wilden op de fiets met onze spruiten. Een baby in een draagdoek op de fiets leek ons doodeng en gevaarlijk, en in een maxicosi achterop de bagagedrager vond ik niets. Het zou me gebeuren dat ik een meter vooruit stoof, maar de maxicosi nog op de plek bij het stoplicht zou staan! Of dat de baby zo heen en weer en op en neer gehobbeld zou worden dat hij later onder niet meer van boven zou kunnen onderscheiden (over dat soort dingen denk je dus na als newly parent). Ergo verscheen de bakfiets ten tonele. Ik weet nog hoe vies we allebei hadden gekeken toen we voor het eerst een driewieler met houten bak, een tweewieler met stoffen bak en uiteindelijk ons zwaargewicht onder de bakfietsen aanschouwden met wat volgens mij gewoon een piepschuim bak was.
Het was of je bij de Porsche dealer naar een Dodge Caliber stond te kijken en hoorde hoeveel praktischer het zou zijn om zoveel meer ruimte te hebben.
De Urban Arrow was de Cayenne onder de bakfietsen. De lichtste, de meest wendbare, de ruimste, de hipste, de meest geruisloze en de snelste. Je snapt, we moesten wel. En van elektrisch was toen nog geen sprake.
Die eerste keer was ik een natte spons. Als een gebochelde Eucalypta zat ik al bij de eerste de beste heuvel die ons duinlandschap rijk is met mijn tong uit mijn mond over het stuur van mijn tweewieler met zwarte bak gebogen zonder een omwenteling te maken. De laatste twee kilometer naar het strand heb ik moeten lopen. Zelfs manlief trok het niet om die heuvel bij Bloemendaal aan Zee op te komen, alsof het al geen marteling genoeg is om dat Orbit Hotel langer dan een minuut als ijkpunt in je vergezicht te hebben – en ik lig het liefst twintig strandtenten verder in Zandvoort, bij Loot 1, 3 of 5, dus als we bij Orbit aankwamen, dan waren we er dus nog lang niet.
 
Al twee jaar mijmerde ik over trapondersteuning, maar dat zou ons zo’n bom duiten kosten dat we het steeds uitstelden. Nu was het schluß. Ruub kreeg Stockholm, dus ik eiste mijn trapondersteuning. En die kreeg ik.
Terwijl Rubin zich zetelde op een plastic stoeltje ergens in het vierde vak in de Friends Arena, zette ik mijn toges op het zadel van mijn gepimpte fiets.
De verbaasde blikken van wielrenners en snorfietsers die ik met twee vingers in mijn neus en twee kids in het bakkie inhaalde, ik leek potverdorie wel supermammie op mijn bakmobiel!
Om het verhaal compleet te maken hoorde mijn vriendin, mede elektrische Urban Arrow bezitster en misschien nog wel meer in extase om het gemak dan ik, vandaag een groep jochies van zestien zeggen dat er wel een erg lekker wijf op die bakfiets langs scheurde. Als je sneller gaat, dan zie je ook die rimpels niet!
Dus ja, mensen, een elektrische bakfiets? Halleluja.
 

Lies Jansen

18 augustus, 2017 om 11:09

geweldig, leuk geschreven, zie het voor mij, heel beeldend.

Renier

16 mei, 2018 om 17:18

Beste schrijfster,

Wat een leuk stukje heb je geschreven. Ik kwam het tegen toen ik ging googelen op "urban arrow" en "duinen". Wij zijn aan het kijken naar een urban arrow fiets voor in Amsterdam en voor tijdens vakanties in schoorl waar wij een zomerhuisje hebben. Inderdaad ook met het idee om heerlijk naar het strand te fietsen met onze drie dochters ;-). Ik vroeg me af of je (nog) weet wat voor motor er in je urban arrow is gezet. Wij proberen namelijk nu uit te vinden of het voldoende is om het basismode (activeline) te hebben of dat we naar een performance motor moeten kijken vanwege het duinlandschap. Mocht je dit nog weten of hier tips over hebben dan horen wij dit heel graag!

O ja, we hebben ook bedacht dat we zo'n lounge ei moeten hebben. Dus ook bedankt voor die tip haha!

JQ

22 mei, 2018 om 14:49

Beste Renier,

Wat leuk dat je mijn blog terecht bent gekomen!

Tot op de dag van vandaag heb ik nog geen spijt van mijn beslissing om de bakfiets elektrisch te laten maken. Ik heb alleen zelf niet zoveel verstand van motoren ed. ik kan je alleen zeggen dat ik een RAT E-bike Li-ion battery ZZ991004 36V10.4Ah (374Wh) heb. Zwaar bepakt red ik het net om de steilste heuvel richting Zandvoort of Bloemendaal op te komen, maar het kost wel wat batterij. Met 3 kids en een duin landschap zou ik dus kiezen voor het zwaarste geschut (better safe than sorry).

Nu hopen op een heerlijke lange zomer, zodat we veel naar het strand kunnen fietsen! Veel succes en plezier met de ombouw.

Groetjes,

Jordana

Reageren




Reactie plaatsen